25th Hour

Productiejaar: 
2002
Categorie: 
Langspeelfilm
Releasedatum: 
09/04/2003
Verdeler: 
Buena Vista
Speelduur: 
134 minuten
Filmgenre: 
Drama
Regisseur: 
Spike Lee
Producent: 
Spike Lee
Jon Kilik
Tobey Maguire
Julia Chasman
Edward Norton
/  
Monty Brogan
Philip Seymour Hoffman
/  
Jakob Elinsky
Barry Pepper
/  
Francis Xavier Slaughtery
Rosario Dawson
/  
Naturelle Riviera
Brian Cox
/  
James Brogan
Anna Paquin
/  
Mary D'Annunzio
Tony Siragusa
/  
Kostya Novotny
Levani
/  
Nonkel Nikolai
Misha Kuznetsov
/  
Senka Valghobek
Isiah Whitlock, Jr.
/  
Agent Flood
Michael Genet
Patrice Oneal
Al Palagonia
Aaron Stanford
Marc H. Simon

He could have been big, he could have been a contender, zoals Marlon Brando het destijds langs de kaden klassiek verwoordde. Afgaand op zijn appartementsdecorering heeft Monty Brogan (Edward Norton in een rol die hij zo langzaamaan met zijn ogen dicht kan vertolken) het eerder voor Paul Newman, en dat terwijl zijn moeder hem noemde naar haar favoriete acteur Montgomery Clift. De toekomst ziet er voor gefaalde Monty niet zo rooskleurig uit : zijn broodwinning (drugs dealen) is immers opgedoekt door ijverige DEA-inspecteurs en hij kijkt aan tegen zeven jaar cel . Tijdens de laatste vierentwintig uur van zijn vrijheid blikt hij terug op zijn leven, en wil hij - als het even kan - ook nog uitzoeken wie hem heeft verraden door de DEA te tippen ?

Staan aan zijn zijde tijdens de laatste vierentwintig uur van zijn 'eerste leven' in New York : Elinksy, Monty's meer gematigde jeugdvriend, die een score van 62% haalt op de begeerlijke vrijgezellenschaal. Hij is leerkracht aan een middelbare school, en is stiekem behekst door een rebelse en vrijgevochten Lolita uit zijn klas (Anna Paquin, oscarwinnaresje voor "The Piano" die schijnbaar definitief vaste Hollywood-grond onder de voeten heeft - getuige daarvan ook nog "X-Men" en "Almost Famous"). Philip Seymour Hoffman heeft intussen zowat het patent op 'loser'-rollen en voegt met Elinksy (die innerlijk meer te bieden heeft dan zijn uiterlijk laat vermoeden) een sterke rol aan zijn reeds indrukwekkend cv toe. Barry Pepper (de sluipschutter uit "Saving Private Ryan") is Frank Slaughtery, de Wall Street-hotshot die het naar eigen zeggen heeft gemaakt in het leven (hij haalt 99% op de vrijgezellenschaal) en die - op het eerste zicht - geen medelijden heeft met Monty. Eigen schuld, dikke bult, zoals dat heet. Monty's vriendin Naturelle (één van Larry Clarks "Kids") speelt eveneens een belangrijke rol in Monty's laatste uren, niet in het minst omdat er geruchten de ronde doen dat zij wel eens degene kan zijn die hem heeft verraden. En dan is er nog Monty's vader (Brian Cox, Hannibal numero uno en dit jaar ook reeds te zien in "The Ring" en "Adaptation"), die zijn zoon een alternatief op gevangenisstraf aanbiedt ?

Het klinkt hectisch allemaal, maar verwacht je geenszins aan een race tegen de klok. De lijdensweg van Monty is eerder een serene elegie, waarin vooral aandacht besteed is aan het cre?ren van ademruimte voor de personages. De pijn en frustraties zijn voelbaar, en er is in de film zo goed als geen enkele scéne te bespeuren die niet is afgewerkt of waarin de grove borstel wordt bovengehaald .Alles ademt, alles leeft. Monty wordt ook niet opgehemeld : hij is en blijft een misdadiger die zonder spijt zijn lot op de schouders draagt. Tegelijkertijd wordt hij ook niet beoordeeld : iedereen maakt fouten en de kansen die Monty nog resten om met zichzelf en zijn omgeving in het reine te komen zijn in al hun noodlotstragiek zeer poëtisch en zelfs romantisch. Bovendien bewijst rasregisseur Spike Lee eens te meer zijn voortreffelijk cinematografisch palet, terwijl hij zich omringt met een talentvolle crew, subtiele huiscomponist Terrence Blanchard voorop. Hij laat de schreeuwerigheid van zijn beste films ("Do The Right Thing", "Jungle Fever", "Clockers") achter zich, en het lijkt wel alsof hij verliefd is op het scenario van debutant David Benioff, die zijn roman waarheidsgetrouw in filmtaal mocht omzetten. Die filmrechten werden trouwens gekocht door Spider-Man Tobey Maguire hemzelf, meteen ook de reden waarom die jonge filmgod vermeld is als producent.

Hoogtepunten in deze film aanduiden is quasi onbegonnen werk. Elke scéne is een parel op zich. Van de wet van Doyle in het begin tot de haast evangelische Openbaring aan het slot. Persoonlijke favorieten zijn alvast de lange discotheekscéne (zelden zo'n vibratie gevoeld), de interactie tussen de drie DEA-agenten, de laatste cameravogelvlucht over Elinsky en Slaughtery, de tergende slotmonoloog en - uiteraard - de spiegelscéne waarin Monty zichzelf en de kijker vergast op een apocalyptisch beeld van New York. Een wild om zich heen schoppende scéne die het handelsmerk lijkt van Spike Lee, maar die ook al in Benioffs boek stond.

Hier en daar wordt ook gesuggereerd dat de film een metafoor is voor het Amerika van vandaag. Met Monty als vleesgeworden Enron-schandaal die met zijn verbrand gat op de blaren mag zitten terwijl er op zich niets verandert in de maatschappij, mooie, maar vooral loze woorden ten spijt. Er zal wel een kern van waarheid in de vergelijking zitten, zeker omdat Lee niet verbergt dat hij een contemporaine film aflevert (de Ground Zero-scéne, verwijzingen naar Bin Laden en andere negen elf-ikonen). Met de torenhoge ergerlijke arrogantie die de regering Bush momenteel nog steeds tentoonspreidt, is het echter alles behalve boeiend om te zien hoe het continent de wonden likt. Up yours, klinkt dat in het Engels, dacht ik. Net zoals Springsteens "The Rising" vooral werkt als je er gewoon naar luistert zonder de onderliggende gedachte, laat je ook hier de metaforen best links liggen. Je hebt ze trouwens ook niet nodig : de uppercut van Lee is veerkrachtig genoeg om "25th Hour" tot een moderne klassieker te bombarderen.

Alex De Rouck