Jurassic World : Fallen Kingdom

Productiejaar: 
2018
Categorie: 
Langspeelfilm
Releasedatum: 
06/06/2018
Verdeler: 
Sony Pictures Releasing
Speelduur: 
128 minuten
Filmgenre: 
Actie
Avontuur
Thriller
Regisseur: 
J.A. Bayona
Producent: 
Frank Marshall
Patrick Crowley
Belén Atienza
Director of Photography: 
Oscar Faura
Uitvoerend Producent: 
Steven Spielberg
Colin Trevorrow
Scenarist: 
Colin Trevorrow
Derk Connolly
Beeldmonteur: 
Bernat Vilaplana
Productie Ontwerper: 
Andy Nicholson
Kostuumontwerper: 
Sammy Sheldon Differ
Componist: 
Michael Giacchino
Chris Pratt
/  
Owen Grady
Bryce Dallas Howard
/  
Claire Dearing
Toby Jones
/  
Mr. Eversoll
Ted Levine
/  
Wheatley
Rafe Spall
/  
Eli Mills
BD Wong
/  
Dr. Wu
Justice Smith
/  
Franklin
Daniella Pineda
/  
Zia
Jeff Goldblum
/  
Ian Malcolm
Geraldine Chaplin

Filmische evolutieleer: het is even eenvoudig als een goedendag. Hoeveel Jurassic films er ook nog het levenslicht mogen zien, de kans dat een daarvan de verwonderende pracht van Steven Spielbergs “Jurassic Park” uit 1993 weet te evenaren is zo goed als onbestaande. Spielberg slaagde er vier jaar later niet eens zelf in met het haperende “The Lost World”. Wie met die wetenschap in het achterhoofd naar “Jurassic World: Fallen Kingdom” trekt is meteen goed gepakt en gezakt om zonder valse of te hoge verwachtingen te genieten van wat op zich een duur gebudgetteerde B-film is. En meer dan eens op het juiste roar-knopje weet te drukken.

In de vijfde film uit de franchise en de directe sequel op “Jurassic World” maken uitvoerend producent Steven Spielberg en zijn denktank komaf met Isla Nublar. Het eiland voor de kust van Costa Rica waar miljardair Hammond destijds zijn dinosauruspretpark wou openen verdwijnt immers van de aardbodem door een vulkaanuitbarsting. De Amerikaanse senaat beschouwt dit als een daad van God en besluit om de dino’s niet te redden. Wie dat wel wil doen: de nazaten van Lockwood, Hammonds voormalige partner. Zij hebben al een ander eiland klaarliggen waar de dinosaurussen dartel en vrij kunnen genieten van bloemen, planten en elkaar. Tenminste, dat is hun officiële verhaal. Officieus zijn ze heel wat anders met de dinospecimen van plan.

“Fallen Kingdom” ruilt de locatie van Isla Nublar vrij snel in voor ‘something completely different’. Het is vooral in het tweede deel dat de film het meest stoom genereert. Al doet die stelling wel afbreuk aan een paar mooi getimede setpieces die Spanjaard J. A. Bayona (“The Orphanage”, “The Impossible”, “A Monster Calls”) in het eilanddeel uit de koker laat rollen. Aan setpieces trouwens geen gebrek: Bayona laat zijn voorliefde voor gotische gruwel - die hij zo mooi etaleerde in “The Orphanage” - zelfs opvallend veel doorschemeren, zozeer zelfs dat de teneur van een scène in de finale meer wegheeft van een slasher met boogeydinoman dan van een monsteravonturenfilm. Bayona doet zichtbaar zijn best om een eigen stempel op de film te drukken, maar scenariomatig zitten zijn pogingen soms geprangd tussen de wetmatigheden van de blockbustermegalomanie. Alsof hij wel degelijk groen licht heeft gekregen om menselijkheid te promoten, zolang het maar niet te lang duurt.

Zo is het jammer dat een van de meest verhalende aspecten van het script vrij lullig wordt afgehandeld. De manier waarop Rafe Spall een cruciaal plotelement tussen de soep en de patatten duidt is een slag in het water, zeker omdat er een potentiële extra spanningsboog wordt ontkracht. Alsof iemand vooraf tegen Indiana Jones zou zeggen om niet aan te schuiven aan het diner in Pankot Palace omdat er apenhersenen worden geserveerd. Laat het hem en ons zelf ontdekken, man. Een wat meer subtiele aanpak had dus zeker gemogen als tegenwicht voor de breed uitgesmeerde capriolen van Bryce Dallas Howard en Chris Pratt en hun sidekicks.

Maar goed, genoeg zeurderige kantlijnen: uitschuivers of niet, “Jurassic World: Fallen Kingdom” is een geestige monstermash met genoeg popcornpanache om er twee uur zoet mee te zijn. Zeker omdat de visuele effecten (combo tussen animatronica en CGI) andermaal verbluffend echt ogen. En dat levert mooie cinema op, met als hoogtepunt de scène waarin Ted Levine zich in het hol van de indoraptorkooi waagt: beestig goed B-entertainment.

Laat het duidelijk zijn: net zoals bij zowat alle andere recente grootschalige blockbusters vallen er zeker zaken aan te merken op ‘been there, done that’-niveau. Advies: maal daar niet om, weet dat alles wat je te zien krijgt een doorslagje is van iets wat je al eerder zag en ga met een gerust hart toertjes draaien in de vijfde Jurassic draaideur. En weet dat die zonder cliffhangerurgentie zicht biedt op een grootschalige sequel die in 2021 in de zalen komt huppelen.

Alex De Rouck
Foto's 11 t/m 30 : Première in Madrid (Spanje) op 21 mei 2018