Kingsman : The Golden Circle

Categorie: 
Langspeelfilm
Productiejaar: 
2017
Releasedatum: 
28/09/2017
Filmgenre: 
Actie
Avontuur
Speelduur: 
141 minuten
Verdeler: 
20th Century Fox
Regisseur: 
Matthew Vaughn
Producent: 
Matthew Vaughn
David Reid
Adam Bohling
Uitvoerend Producent: 
Mark Millar
Dave Gibbons
Stephen Marks
Claudia Vaughn
Pierre Lagrange
Productie Ontwerper: 
Darren Gilford
Kostuumontwerper: 
Arianne Phillips
Componist: 
Henry Jackman
Matthew Margeson
Colin Firth
/  
Harry Hart/Gewezen Agent Galahad
/  
Poppy
Taron Egerton
/  
Garry 'Eggsy' Unwin/Agent Galahad
Mark Strong
/  
Merlin
/  
Ginger Ale
Jeff Bridges
/  
Agent Champagne
Channing Tatum
/  
Agent Tequila
Pedro Pascal
/  
Agent Whiskey
Edward Holcroft
/  
Charlie Hesketh
Sophie Cookson
/  
Roxy/Agent Lancelot

En voilà. Met de komst van “The Golden Circle” is het bestaansrecht van de “Kingsman”-franchise niet langer de inventiviteit van de makers, maar de aan de kassa’s gegenereerde recette. Lees: zolang de reeks geld opbrengt, zullen er zo goed als zeker vervolgdelen komen. Er is zelfs al sprake van spin-offs. Sssh. Niet dat deze sequel uit de lucht kwam vallen. “Kingsman: The Secret Service” zette twee jaar terug de franchisebouwstenen van wat een uitzinnige Bondparodie was netjes recht, en als we regisseur Matthew Vaughn en hoofdrolspeler Taron Egerton mogen geloven komt er zeker nog een derde deel. Hopelijk terug een die de vigeur van het startblokkendeel terugvindt, en niet in de valkuilen van “The Golden Circle” dondert.

Kalmte en introspectie zijn uiteraard niet van de partij. Nogal wiedes, daar Vaughn en vaste coscenariste Jane Goodman plotgewijs nog steeds vertrekken van de krak-boem-schiet comics van Dave Gibbons en Mark Millar. Dat negentig procent van de zaken die je te zien krijgt in “The Golden Circle” er kloef over zijn, is in die optiek perfect verdedigbaar en begrijpelijk. Eender waar over is echter van geen tel als alles op een gerecycleerd afleggertje lijkt. Hoe over de top deze opvolger ook mag zijn, er is geen enkele scène die het beter doet dan wat Vaughn twee jaar geleden liet zien.

De deur valt al direct op een schabouwelijke manier uit de hengsels met een overgeregisseerde en overgeGCI’de knokpartij in een rijdende auto, inclusief slomo-bewegingen. Een scène die de toon zet voor het lawaai dat volgt. Plotmatig zien we superspion Eggsy (Egerton) en wat nog rest van de Kingsman (Mark Strong) in hun strijd tegen Julianne Moore, die aan het hoofd staat van een drugskartel. Ze heeft haar drugs besmet met een virus, en iedereen die haar spul gebruikt wordt gek en valt vervolgens in een coma vooraleer in een bloederig hoopje ten onder te gaan. Het antigif wil ze enkel vrijgeven in ruil voor heel veel geld dat ze hoopt te vinden in de broekzak van de Amerikaanse president. Buiten Kingsman en hun Amerikaanse evenknie Statesman gerekend, allebei vastbesloten om Moore een koekje van eigen deeg te geven in haar imperium in Cambodja.

Een reden dat “The Secret Service” werkte was de expositie. Het initiatieproces van Eggsy in Kingsman was bij tijd en wijlen geestig en geïnspireerd, en in een hevig uit het dak gaande Samuel L. Jackson had Vaughn een gepaste knipoogschurk gevonden. In de sequel geen spoor van initiatie en Jackson, en dat laat zich merken. Vaughn weet niet echt iets boeiends aan te vangen met Eggsy deze keer, en hem opzadelen met een relatiecrisis(je) is bla bof snurk. Moore staat als slechterik de ganse tijd achter de toonbank van een fiftiesdiner en is zo mee verantwoordelijk voor een ‘moord door een gehaktmolen’-scène. Zij het helaas wel eentje die zijn gimmick overspeelt. Dan pakte James Glickenhaus de zaken destijds toch wet doeltreffender aan in “The Exterminator”.

Een andere hond in het kegelspel: de terugkeer van Colin Firth. Officieel neergeschoten door Jackson in “The Secret Service”, maar dus toch niet dood. Levend en wel blijkt hij zelfs te zijn, met wat hulp van Amerikaanse gaststerren Jeff Bridges, Channing Tatum en Halle Berry. Firth amuseert zich duidelijk met zijn wederopstanding, al duurt de ‘welkom terug’-sequentie te lang om tot een geslaagde punchline te komen.

“The Golden Circle” ziet het allemaal groots, maar weet nergens de brio van de eerste batshit Bond te evenaren. Benaderen wel af en toe: eens je Vaughns waanzin hebt omarmd, valt er best wel lol te beleven aan deze op twee uur en twintig minuten geplette asprobruiscocktail. Maar het gevoel van metaalmoeheid en inspiratieloosheid kan Vaughn niet van zich afschudden, en daar kan geen enkel Burt Reynolds-eerbetoon verandering in brengen. Of hoe deze lawaaierige rollercoaster de eerste door Vaughn geregisseerde prent is die de drie sterren niet haalt. Tja. Bla bof snurk.

Alex De Rouck