Marina

Categorie: 
Langspeelfilm
Productiejaar: 
2013
Releasedatum: 
06/11/2013
Filmgenre: 
Speelfilm
Speelduur: 
122 minuten
Verdeler: 
K.F.D.
Regisseur: 
Stijn Coninx
Matteo Simoni
/  
Rocco
Evelien Bosmans
/  
Ragazza
Luigi Lo Cascio
/  
Rocco's vader
Donatella Finnochiaro
/  
Rocco's moeder
Warre Borgmans
/  
Mijnheer Somers
Mattias Van de Vijver
/  
Renaat
Chris Van den Durpel
Christian Campagna
Ludo Hellinx
Jurgen Delmaet
Karel Vingerhoets
Jappe Claes
Jelle Florizone
R. Kan Albay
Jobst Schnibbe

Johnny Cash had zijn “Walk The Line”, Ritchie Valens zijn “La Bamba”, Bobby Darin zijn “Beyond The Sea”, Patsy Cline haar “Sweet Dreams” … en nu heeft Rocco Granata zijn “Marina”. Best mooi, die muzikale biopics die niet de naam van de zanger(es) in de titel dragen, maar de titel van hun grootste of één van hun grootste hits. En groot was “Marina”: de aanvankelijk als B-kant verschenen evergreen uit 1959 scoorde zelfs in de Amerikaanse hitparade, was een megahit in Europa (in Duitsland alleen al ging het meer dan een miljoen keer over de toonbank) en werd nadien gecoverd door diverse wereldsterren.

Een verhaal dat zeker een film verdient. Vooral omdat de levensloop van Rocco Granata heel wat te bieden heeft: hij verhuisde op tienjarige leeftijd samen met zijn moeder en zus van Italië naar Limburg, waar zijn vader reeds aan de slag was als mijnwerker in de mijnen van Waterschei. Stijn Coninx omkadert Rocco’s verhaal met het lot van de Italiaanse immigranten die hier destijds alles behalve een makkelijk leven hadden – wie wil kan de parallel met de latere stroming immigranten/gastarbeiders trouwens makkelijk leggen. Ook het werken in de steenkoolmijn wordt gereconstrueerd, al heeft Coninx genoeg aan het laten horen van het veelvuldig hoesten van Rocco’s vader om te duiden dat het een godgeklaagd werk was.

Toch gaat de meeste aandacht uit naar Rocco zelf, en dan vooral naar de relatie met zijn fiere, zij het vaak hardvochtige vader (Luigi Lo Cascio) en zijn prille liefde met Helena (Evelien Bosmans), de dochter van de plaatselijke kruidenier (Warre Borgmans). Coninx strooit de gebruikelijke lach en traan gretig in het rond en levert zo een prent af die weinig moeite zal hebben om een groot publiek te plezieren. Zat helaas niet in het strooivat: diepgang. En dat had nochtans gemogen: het ontbreekt “Marina” aan voldoende nuancering om écht geraakt te worden.

Eén keer een conflictscène tussen vader en zoon gaat nog, bij de achtste heb je het wel gezien. Idem dito voor de zoveelste keer dat ma Granata haar strijk- en wasactiviteiten probeert verborgen te houden, of bij de zoveelste confrontatie tussen Granata en Borgmans. En Bosmans duikt met haar Renaat eigenlijk ook te pas en te onpas op. Wat van “Marina” eerder een opeenvolging van repetitieve scènes maakt dan een pakkend geheel. Een bluts en buil-euvel waar trouwens meer biopics mee te kampen hebben daar er nu eenmaal heel wat moet worden verteld op twee uur tijd. Maar toch: iets minder clichés had zeker geen kwaad gekund. Want door alle personages op het karikaturale af te tekenen zorgt Coninx weliswaar voor een zeer toegankelijke film, het komt de geloofwaardigheid niet altijd ten goede. Zo is het een beetje ongeloofwaardig dat Rocco op zijn tiende een Robbedoes “cadeau” krijgt van een plaatselijke jongen die door een andere Italiaan wordt lastig gevallen, en dat acht jaar later diezelfde jongen nog altijd spontaan zijn stripweekblad afgeeft. Ook de scène waarin Rocco de naam ontdekt van Helena komt rijkelijk laat: hoe groot is de kans dat hij die naam nog niet had gehoord in het dorp waar hij woont? Op zich muggenzifterige opmerkingen – daar zijn we ons van bewust – maar ze tonen tegelijkertijd aan dat het karikaturale te weinig buitenspel wordt gezet.

Gelukkig kunnen we besluiten met positieve klanken: Matteo Simoni is zonder meer uitstekend en ontwapenend in de hoofdrol. Wanneer hij met zijn accordeon de titel- of een andere tune aanheft, slaagt Coninx erin om de magie van Rocco en zijn passie voor muziek bijna feilloos te vatten. Een passie die eigenlijk genoeg reden is om “Marina” alsnog met een bezoekje te vereren: is het niet uit liefde voor de film, dan toch zeker uit liefde voor muziek.

Alex De Rouck