Rock of Ages

Productiejaar: 
2012
Categorie: 
Langspeelfilm
Releasedatum: 
20/06/2012
Verdeler: 
Warner Bros
Speelduur: 
123 minuten
Filmgenre: 
Musical
Regisseur: 
Adam Shankman
Producent: 
Matthew Weaver
Scott Prisand
Carl Levin
Tobey Maguire
Jennifer Gibgot
Garrett Grant
/  
Stacee Jaxx
Russell Brand
/  
Lonny
Julianne Hough
/  
Sherrie Christian
Diego Boneta
/  
Drew Boley
Paul Giamatti
/  
Paul Gill
Catherine Zeta-Jones
/  
Patricia Whitmore
Malin Akerman
/  
Constance Sack
Mary J. Blige
/  
Justice
Alec Baldwin
/  
Dennis Dupree
Dakota Sage Grant
/  
Klein Meisje op de Bus
Matt Sullivan
Erica Frene
Michael Olusczak
Anthony Bellissimo
Alan Shane Hartline

“Rock ’n roll will never die”, maar ligt helaas wel aan de serumfles in “Rock Of Ages”, een vrije adaptatie van de gelijknamige Broadwayhit uit 2006 van Chris D’Arienzo, waarin de narratie volledig was opgehangen aan stadionrockhits. Een beetje zoals 'We Will Rock You', maar dan zonder Queen. De verfilming volgt het origineel niet naar de noot en letter: sommige liedjes zijn nieuw, andere zijn geschrapt en ook in de modus operandi van de personages is het een en ander veranderd. Maar zo gaat dat nu eenmaal wanneer een verhaal van het ene medium naar het andere verhuist.

Op het eerste zicht lijkt Adam Shankman een logische keuze voor de filmversie: een paar jaar terug bewees hij immers uit het goede notenbalkenhout gesneden te zijn met de fijne adaptatie van de “Hairspray”-musical. Het fineersel waarmee Shankman ditmaal pijlen moet maken blijkt echter te dun: zelfs in de categorie van (bewust) fout entertainment zijn er in deze rockpourri teveel momenten waarop verveling en navelpluisjeuk de kop opsteken.

Grosso modo lopen drie verhaallijnen door elkaar in deze in 1987 gesitueerde musical. De eerste is een soapy tienerromance tussen Julianne Hough (“Footloose”) en Diego Boneta (de tv-reeks “90210”). Sherrie Christian (Hough) zakt van Oklohama af naar Los Angeles waar ze hoopt haar droom om zangeres te worden waar te maken. Ze is echter nog maar pas van de bus, en haar bezittingen (inclusief favoriete lp’s) worden gestolen door een bij de pinken zijnde overvaller. Ze wordt opgevangen door Drew (Boneta), een aspirant-zanger die als barhulp werkt in “The Bourbon Room”, de bekendste rockclub op de Hollywood Strip. Dankzij Drew kan ze ook in de Bourbon Room aan de slag, en het duurt niet lang of Cupido rijgt de twee met zijn pijlen aan elkaar. En dat terwijl Dennis Dupree (Alec Baldwin), de uitbater van de Bourbon Room, onder vuur ligt van de kersverse burgemeester Mike Whitmore (de alomtegenwoordige Bryan Cranston) en vooral van zijn echtgenote Patricia (Catherine Zeta-Jones) die het als persoonlijke missie ziet om de Bourbon Room te laten sluiten en daarvoor zelfs protestbewegingen laat betogen voor de club. Het is trouwens niet enkel voor Dupree dat Patricia haat en nijd voelt, ze heeft het vooral gemunt op Stacee Jaxx Tom Cruise, aan wie duidelijk geen groot komisch acteur verloren is gegaan), de leadzanger van de rockgroep Arsenal, die zijn afscheid viert met een uitverkocht concert. Als Stacee opduikt tenminste. Hij is op zijn zachtst gezegd niet de makkelijkste man om mee samen te werken, leeft voortdurend in zijn eigen benevelde wereld en is dan ook de nagel aan de doodskist van zijn manager Paul Gill (Paul Giamatti). Enkel de Rolling Stone-journaliste Constance Sack (Malin Akerman met een karakternaam die er welhaast om vraagt om in een 007-verhaal op te duiken) lijkt Jaxx te kunnen ontwarren.

Castinggewijs gaat de meeste aandacht uiteraard naar de veredelde gastrol van Tom Cruise als de verlopen Axl Rose-kloon Stacee Jaxx, maar meer dan een grap zonder pointe levert die niet op. Tenzij die verborgen zat in de scène waarin hij REO Speedwagons 'I Wanna Know What Love Is' zingt op neusafstand van Malin Akermans kont. Neen, dan brengen Alec Baldwin, Russell Banks (als de MC van de Bourbon Room) en Paul Giamatti het er beter vanaf, al krijgen ook zij het boeltje niet naar de elf op de schaal van Tufnel. Shankman doet zijn best om de schwung van “Hairspray” te evenaren, en sommige nummers zijn echt wel goed gebracht. Maar toch gaat “Rock Of Ages” meer dan eens kopje onder, en de boosdoener daarvan is vooral het spotgoedkope scenario. De romance tussen Hough en Boneta is mooi in beeld gebracht (zij het te voorspelbaar om echt te bekoren), Zeta-Jones’ reden om Stacee Jaxx te ruïneren is op zijn zachtst gezegd flauw (en al van 35.000 km afstand zichtbaar zodat de revelatie op het eind er helemaal geen is), en de persoonlijke problemen van Stacee Jaxx zijn ook al voor geen zier interessant. Dus ja, er passeert hier en daar een mooie deun of een mooi zing-en-dansnummer, maar het sop is de kool nauwelijks waard.

De fans van stadionrock zijn in elk geval twee uur zoet met het herkennen van hits van onder meer Bon Jovi, Def Leppard, Foreigner, Pat Benatar, Whitesnake, REO Speedwagon, Poison en Journey, maar ook die kruik gaat maar zolang te water tot ze breekt. Waardoor “Rock of Ages” aan het eind van de rit ei zo na in dezelfde vijver pootje zit te baden als de Abba-musical “Mamma Mia!”. Terwijl hij eigenlijk achter hetzelfde gordijn van “Moulin Rouge!” behoorde te staan.

Alex De Rouck