X-Men Origins : Wolverine

Productiejaar: 
2008
Categorie: 
Langspeelfilm
Releasedatum: 
29/04/2009
Verdeler: 
20th Century Fox
Speelduur: 
110 minuten
Filmgenre: 
Actie
Regisseur: 
Gavin Hood
Producent: 
Hugh Jackman
Hugh Jackman
/  
Logan/Wolverine
Liev Schreiber
/  
Victor Creed/Sabretooth
Danny Huston
/  
Stryker
Dominic Monaghan
/  
Bradley
Ryan Reynolds
/  
Wade Wilson/Deadpool
Taylor Kitsch
/  
Remy LeBeau/Gambit
Will.i.am
/  
Wraith
Lynn Collins
/  
Kayla
Kevin Durand
/  
Fred J. Dukes/The Blob
Daniel Henney
/  
Agent Zero

Nu “Watchmen” in bijna zo goed als alle multiplexen hun pijp aan Maarten hebben gegeven, kan de blockbusterzomer echt van start gaan met gehypte popcornprenten van diverse pluimage. Startschot “X-Men Origins: Wolverine” is alvast het kolensop niet waard. Het is geen archislechte uitschuiver of tenenkrommende onzin zoals pakweg “The Mummy: Tomb Of The Dragon Emperor” vorig jaar, maar het oogt allemaal wel verschrikkelijk banaal. Alles is al eens eerder vertoond, het scenario is flets (oew, iemand die toch niet dood blijkt te zijn - hoe origineel), maakt te veel bokkensprongen en werkt het gros van de aangehaalde conflicten nauwelijks uit. Ook de overdadige actiescènes bieden weinig koopkracht. Bij pakweg de zevende knokpartij ben je allang vergeten waar het bij de derde om te doen was.

Maar goed, Wolverine was sowieso de ‘coolste dude’ uit het “X-Men”-universum, dus het is treffend dat hij als verdere melkkoe wordt gebruikt. Bovendien vertrok hij in de “X-Men”-trilogie al op zoek naar zijn afkomst, waardoor deze film kan gezien worden als officiële prequel op dat drieluik. In een korte proloog - gesitueerd in 1845 - zien we hoe de piepjonge Logan/Wolverine verantwoordelijk is voor de dood van zijn vader. Een beetje meer duiding mocht trouwens, want die eerste scène is veel te kort om er enige dramatische draagkracht in te leggen. De jonge knaap verbindt zijn lot aan dat van zijn mutantenhalfbroer Victor Creed en ze beloven elkaar altijd door dik en dun te steunen. Wat ze ook doen, als ze zij aan zij vechten tijdens de Amerikaanse burgeroorlog, de eerste en tweede wereldoorlog en de Vietnamoorlog.

Tijdens het conflict in Vietnam worden de broers ingelijfd door de nogal onbetrouwbaar ogende militair Stryker (Danny Huston, in een rol die in “X-Men 2” wordt vertolkt door Brian Cox) in het ‘Team X’, een garnizoen mutanten dat door Stryker voor weinig koosjere doeleinden wordt gebruikt. Terwijl Victor zich wentelt in zijn rol van gewelddadige moordmachine, keert Logan hem gedegouteerd de rug toe. Ettelijke jaren later vinden we hem terug in de ongerepte Canadese natuur, waar hij als houthakker werkt en een bestaan heeft opgebouwd met Kayla Silverfox, die al dan niet toevallig ook over mutantenkrachten beschikt. Aan dat geluk komt een eind wanneer zijn halfbroer (alias Sabretooth) en Stryker terug opduiken. Hij stemt erin toe om zijn lichaam te laten injecteren met vloeibaar adamantium, een onverwoestbare legering die hem verandert in Wolverine, de met allesvernietigende klauwen uitgeruste mutant die belooft niet te rusten vooraleer hij iedereen die hem zijn geluk ontnam of niet gunt een kopje kleiner heeft gemaakt…

Gelukkig maar dat Hugh Jackman zelf gelooft in zijn personage. Als een van de coproducenten was hij nogal gedegouteerd toen een aantal weken terug een illegale kopie van de zo goed als afgewerkte prent opdook op het internet. Mocht hij net als zijn personage over adamantium klauwen beschikken, de schuldige snoodaards werden er ongetwijfeld mee opengereten. In elk geval is Jackmans présence de hoofdreden dat de film niet volledig als een weggeworpen vaatdoek in elkaar zakt. Ook Liev Schreiber heeft zijn gloriemomenten als Sabretooth. Misschien was het wel een beter idee geweest om zich in dit genesisverhaal te beperken tot de strijd tussen dit broederduo. Nu bulkt “X-Men Origins: Wolverine” immers, net als de voorgaande films, uit van een verzameling mutanten, die stuk voor stuk even voorbijfietsen zonder echt in het verhaal te integreren. Ook Cyclops krijgt een stuk ontstaansgeschiedenis mee, en zelfs professor Xavier krijgt een cameo, zij het er eentje van niet al te hoog niveau. Zijn verjongingskuur ziet er op zijn zachtst gezegd niet echt geslaagd uit.

De echte fans van de creaties van Stan Lee zullen die talloze verwijzingen en verschijningen vast appreciëren, maar voor Jan Modaal of Piet Snot is het vooral overbodig vulsel. Dat er tussen de weinig boeiende bochten van het verhaal af en toe toch nog een geslaagde actiescène uit de lucht komt vallen, is niet meer dan normaal. Maar dit is een film die zich te nadrukkelijk richt op dertienjarige biosbezoekers, en in tegenstelling tot de recente donkere golf van stripverfilmingen en superheldenfilms vooral de kaart trekt van het jonge grut dat in ruil voor het zuurgekregen zakgeld vooral zoveel mogelijk actie en sensatie wil. Het weze hen gegund, maar wij vonden “X-Men Origins: Wolverine” vooral een uitnodiging tot leeg gestaar naar een scherm waar veel beweegt, maar weinig kleeft.

Alex De Rouck